Hardlopen met je hond: zo bouw je het veilig op

hardlopen met hond

Samen hardlopen is een van de leukste manieren om met je hond bezig te zijn: jullie doen allebei iets waar je energie in kwijt kunt, en het kost geen extra tijd in je week. Maar het is ook een sport, en dat betekent dat er opbouw en geschiktheid bij komen kijken.

In deze blog lees je welke honden er geschikt voor zijn en welke niet, vanaf welke leeftijd het kan, hoe je de conditie opbouwt en welke uitrusting je nodig hebt.

Is jouw hond er geschikt voor?

Niet elke hond is een hardloopmaatje, en dat heeft weinig met enthousiasme te maken. Deze honden zijn er goed voor gebouwd: middelgrote tot grote honden met een atletische bouw en een goede conditie, zoals herdershonden, retrievers, pointers en veel kruisingen daarvan.

Terughoudend zijn is verstandig bij deze groepen:

  • Kortsnuitige honden: zoals een Franse Bulldog of mopshond. Zij kunnen hun warmte via hijgen minder goed kwijt en raken bij inspanning snel benauwd. Hardlopen is voor hen geen goed idee.
  • Honden met een lange rug of korte pootjes: zoals een teckel of corgi. De aanhoudende belasting is niet gunstig voor hun bouw.
  • Zeer grote, zware rassen: die dragen veel gewicht op hun gewrichten; houd afstanden bescheiden.
  • Pups en jonge honden: zolang de gewrichten nog groeien is aanhoudend rennen op harde ondergrond belastend.
  • Oudere honden en honden met gewrichtsklachten: hier weegt een rustige wandeling zwaarder dan een rondje hardlopen.

Lees meer over hardlopen met verschillende rassen in onze blog

Vanaf welke leeftijd?

Wacht tot je hond volgroeid is. Bij kleinere rassen is dat ruwweg rond het jaar, bij grote rassen kan het anderhalf jaar of langer duren. Zolang de groeischijven nog niet gesloten zijn, is herhaalde belasting op asfalt niet verstandig.

Twijfel je wanneer jouw hond zover is, vraag dat dan even na bij je dierenarts. Die kan meewegen hoe hij gebouwd is en of er aandachtspunten zijn. Dat is een kort gesprek dat je later veel gedoe kan besparen.

Bouw de conditie rustig op

Een hond loopt je in het begin met gemak bij, en precies daar zit de valkuil: hij geeft niet aan wanneer het te veel wordt, hij loopt gewoon door omdat jij loopt. De opbouw is dus jouw verantwoordelijkheid.

Begin met korte stukken en wissel af tussen wandelen en draven, bijvoorbeeld vijf minuten lopen en dan een stuk wandelen. Breid de loopstukken over weken uit in plaats van dagen, en houd rustdagen ertussen. Een vaste vuistregel: verhoog niet tegelijk de afstand en het tempo.

Let daarbij op hoe je hond de dag erna is. Stijf bewegen, moeilijk opstaan of een hond die achterblijft tijdens de wandeling zijn tekenen dat je te snel gaat.

De uitrusting

  • Een handsfree lijn: een riem met heupband houdt je handen vrij, zodat je normaal kunt lopen en je evenwicht houdt. De meeste hebben een elastisch deel dat schokken opvangt als je hond een keer versnelt of stilstaat.
  • Een tuig in plaats van een halsband: dit is het belangrijkste punt. Bij een halsband komt elke ruk op de nek terecht, en tijdens het hardlopen gebeurt dat vaker dan je denkt. Een tuig verdeelt die druk over het lichaam.
  • Reflectie voor de donkere maanden: je loopt vaak vroeg of laat, en dan wil je allebei zichtbaar zijn voor verkeer.
  • Water voor onderweg: bij langere rondes of warm weer.

Waar en wanneer

De ondergrond maakt veel uit. Gras, bospaden en onverharde routes zijn een stuk vriendelijker voor de gewrichten dan asfalt en tegels. Wissel af als het kan, en ga niet elke ronde over hetzelfde harde pad.

Kijk daarnaast naar het weer. Honden raken hun warmte moeilijker kwijt dan wij, dus loop in de zomer in de vroege ochtend of late avond, en doe voor vertrek de asfalttest: kun je de rug van je hand geen zeven seconden op de stoep houden, dan is het te heet. Meer daarover lees je in onze blog over je hond koel houden in de zomer.

Geef je hond ook de gelegenheid om te snuffelen en te plassen, het liefst voor of na de looprol. Een hond die de hele ronde strak naast je moet blijven zonder ergens aan te ruiken, beleeft er minder plezier aan dan jij.

Signalen om te stoppen

Stop de looprol als je dit ziet: aanhoudend hijgen dat niet afneemt, achterblijven of aan de lijn trekken richting huis, gaan liggen, wankel lopen, of een hond die opvallend veel kwijlt. Ga dan wandelen, zoek schaduw en bied water aan.

Bij tekenen van oververhitting, zoals hevig hijgen met sufheid of een felrode tong, breng je je hond direct naar een koele plek en bel je je dierenarts. Wacht daar niet mee af.

Veelgestelde vragen
Vanaf welke leeftijd mag ik met mijn hond hardlopen?
Wacht tot hij volgroeid is: bij kleinere rassen ruwweg rond het jaar, bij grote rassen anderhalf jaar of langer. Zolang de gewrichten nog groeien is herhaald rennen op harde ondergrond belastend. Vraag bij twijfel je dierenarts.
Welke honden kunnen beter niet hardlopen?
Kortsnuitige honden, honden met een lange rug of korte pootjes, zeer zware rassen, pups en oudere honden of honden met gewrichtsklachten. Bij hen weegt een rustige wandeling zwaarder.
Moet ik een tuig of een halsband gebruiken bij het hardlopen?
Een tuig. Bij een halsband komt elke ruk op de nek terecht, en tijdens het hardlopen gebeurt dat vaker dan je denkt. Een tuig verdeelt de druk over het lichaam.
Wat is een handsfree hondenriem?
Een riem met een heupband, zodat je handen vrij blijven en je normaal kunt lopen. De meeste hebben een elastisch deel dat schokken opvangt als je hond versnelt of plotseling stilstaat.
Hoe weet ik of het te veel wordt voor mijn hond?
Let op aanhoudend hijgen dat niet afneemt, achterblijven, gaan liggen, wankel lopen of veel kwijlen. Kijk ook hoe hij de dag erna beweegt: stijfheid of moeizaam opstaan betekent dat je te snel opbouwt.
← Terug naar Alles over Honden