Apporteren lijkt simpel: jij gooit, je hond haalt. In de praktijk stokt het vaak halverwege. Je hond rent enthousiast achter de bal aan, maar komt er niet mee terug, of hij komt wel terug en weigert los te laten. Dat is geen onwil, maar een teken dat er een stap in het spel nog niet zit.
In deze blog bouw je het spel op in vier stappen, en lees je wat je doet als je hond helemaal niet geïnteresseerd is.
Apporteren bestaat uit vier losse stappen
Het helpt enorm om apporteren niet als één trucje te zien, maar als een keten van vier onderdelen: het speeltje najagen, het pakken, het terugbrengen en het loslaten. Bijna elke hond kan het eerste deel meteen. De problemen zitten vrijwel altijd in stap drie of vier. Als je weet welke schakel ontbreekt, kun je daar gericht op oefenen in plaats van steeds het hele spel te herhalen en te hopen dat het vanzelf goed komt.
Het stappenplan
Stap 1: maak het speeltje interessant
Begin binnen of in de tuin, zonder afleiding. Beweeg het speeltje over de grond en maak het spannend, maar geef het nog niet meteen. Wil je hond ernaar happen, dan heb je zijn interesse en kun je verder.
Stap 2: gooi kort weg
Gooi het speeltje maar een klein stukje, zodat je hond het meteen ziet liggen en makkelijk kan pakken. Prijs hem enthousiast op het moment dat hij het in zijn bek neemt. Het gaat hier nog niet om terugbrengen.
Stap 3: maak terugkomen aantrekkelijk
Dit is de moeilijkste stap. Ren niet naar je hond toe, want dan denkt hij dat het een wegloopspel is. Ga juist een stukje van hem af, hurk en roep vrolijk. De meeste honden komen dan uit zichzelf naar je toe. Beloon zodra hij bij je is, ook als hij het speeltje nog vasthoudt.
Stap 4: leer het loslaten
Bied op het moment dat hij bij je is iets aan dat minstens zo leuk is, bijvoorbeeld een snoepje of een tweede speeltje. Zodra hij loslaat, gebruik je je losa-commando en beloon je meteen. Met twee speeltjes gaat dit vaak het snelst: hij laat het ene los omdat het andere alweer beweegt.
Waarom wil mijn hond niet apporteren?
Niet elke hond is een geboren apporteur, en dat is prima. Er zijn een paar veelvoorkomende redenen waarom het niet lukt:
- Het zit niet in zijn aanleg: retrievers en veel jachthonden brengen van nature graag iets terug, maar bij bijvoorbeeld terriërs en herdershonden ligt de aanleg elders. Zij vinden achtervolgen of drijven vaak leuker dan terugbrengen.
- Terugkomen levert niets op: als het spel stopt zodra hij terugkomt, leert je hond dat teruggeven het einde van de pret betekent. Gooi daarom meteen opnieuw als hij loslaat.
- Het speeltje is niet interessant genoeg: probeer een ander type: een zachter speeltje, iets dat piept, of iets waar je een snoepje in kunt stoppen.
- Er is te veel afleiding: begin binnen of in de tuin en ga pas naar buiten als het daar goed gaat.
- Hij vindt het gewoon niet leuk: forceer dan niet. Er zijn genoeg andere spelvormen die beter bij hem passen, zoals snuffelwerk of trekspel.
Houd het spel gezond
Apporteren is heerlijk, maar het is ook belastend spel: je hond sprint, remt af en draait scherp. Wissel het daarom af met rustiger vormen zoals snuffelen of trekspel, en let extra op bij jonge honden die nog groeien en bij honden met gevoelige gewrichten. Op de pagina met hondenballen lees je hier meer over. Bepaal zelf wanneer het spel stopt, en stop het liefst net voordat je hond genoeg heeft in plaats van erna.
Meer weten over hoe je het beste apporteerspeelgoed kiest? Lees dan onze blog.
Veelgestelde vragen
Hoe leer ik mijn hond de bal terug te brengen?
Ren niet naar hem toe, want dat maakt er een wegloopspel van. Ga juist een stukje van hem af, hurk en roep vrolijk, en beloon zodra hij bij je is, ook als hij het speeltje nog vasthoudt. Het loslaten leer je daarna apart aan.
Mijn hond laat de bal niet los. Wat nu?
Bied iets aan dat minstens zo interessant is, bijvoorbeeld een snoepje of een tweede speeltje. Zodra hij loslaat, gebruik je je commando en beloon je direct. Met twee speeltjes werkt dit vaak het snelst.
Waarom wil mijn hond niet apporteren?
Vaak omdat de aanleg er niet is, of omdat hij heeft geleerd dat teruggeven het einde van het spel betekent. Gooi daarom direct opnieuw na het loslaten. Blijft hij ongeïnteresseerd, kies dan een spelvorm die beter bij hem past, zoals snuffelwerk.
Vanaf welke leeftijd kan een hond apporteren?
Je kunt het spel jong aanleren, maar houd het bij een pup kort en rustig: rol het speeltje een stukje in plaats van ver te gooien. Fanatiek sprinten, remmen en draaien is belastend zolang de gewrichten nog groeien.