Een hond die ouder wordt, gaat anders liggen en anders opstaan. Hij slaapt meer, wordt stijver en komt moeizamer overeind. De mand die jarenlang perfect was, past dan ineens niet meer zo goed. Het lastige is dat honden dat zelden duidelijk laten zien: ze klagen niet, ze passen zich aan, bijvoorbeeld door ergens anders te gaan liggen.
In deze blog lees je aan welke signalen je merkt dat de rustplek van je oudere hond niet meer past, en wat je er concreet aan kunt veranderen.
Waarom de rustplek zwaarder gaat wegen
Een oudere hond slaapt en rust vaak meer dan de twaalf tot veertien uur van een volwassen hond. Dat betekent dat hij nog meer tijd op diezelfde plek doorbrengt. Tegelijk verandert zijn lijf: de spieren worden minder sterk, de gewrichten stijver, en in- en uitstappen kost meer moeite dan vroeger. Waar hij eerder makkelijk over een hoge rand stapte, wordt dat nu een hindernis. De rustplek die het beste bij hem past, is dus een andere dan een paar jaar terug.
Signalen dat zijn mand niet meer past
Let op deze veranderingen; ze wijzen er vaak op dat de huidige plek niet meer comfortabel of niet meer makkelijk bereikbaar is:
- Hij aarzelt bij het in- of uitstappen: of hij zet het duidelijk in twee bewegingen, waar hij eerder in één keer instapte.
- Hij gaat naast de mand liggen: op de vloer of het kleed, in plaats van erin. Vaak is de rand of de bodem de reden.
- Hij draait lang rond voor hij gaat liggen: of hij verlegt zich vaak, alsof hij geen prettige positie vindt.
- Hij kiest andere plekken: de koele vloer, of juist de zachte bank, terwijl hij eerder graag in zijn mand lag.
- Hij komt stijf overeind: en heeft even nodig om op gang te komen na het liggen.
Bekijk ons complete assortiment hondenmanden en -kussens
Belangrijk: laat dit ook medisch nakijken
Deze signalen kunnen te maken hebben met de mand, maar ze kunnen net zo goed op pijn of een gewrichtsaandoening wijzen. Merk je dat je hond stijf loopt, moeite heeft met opstaan, minder mobiel wordt of anders gaat doen, laat hem dan door je dierenarts nakijken. Een andere mand kan het liggen comfortabeler maken, maar het is comfort en geen behandeling. Onderliggende klachten horen eerst goed onderzocht te worden.
Wat je aan de rustplek kunt veranderen
- Verlaag de instap: een lage rand of een model zonder rand scheelt je hond een hindernis bij elk in- en uitstappen.
- Kies ruimer: zodat hij languit kan liggen zonder dat zijn poten of kop over de rand hangen.
- Let op een stevige onderlaag: een bodem die te ver wegzakt maakt opstaan lastiger. Op de pagina met hondenmatrassen lees je meer over de opbouw en de materialen.
- Zorg voor grip op de vloer: een mand die wegschuift bij het opstaan geeft onzekerheid, vooral op een gladde vloer.
- Denk aan warmte: veel oudere honden liggen graag warm. Een warmtemat in of naast de mand kan daarbij prettig zijn in de koudere maanden.
- Kijk naar de plek: houd de rustplek op de begane grond en uit de tocht, zodat je hond er zonder trap of omweg bij kan.
Twee plekken werken vaak beter dan één
Een oudere hond wil soms bij het gezin liggen en soms echt rust. Als hij daarvoor elke keer moet verkassen naar een andere kamer of zelfs de trap op, kost dat hem moeite en gaat hij het vermijden. Twee rustplekken lossen dat op: bijvoorbeeld een vaste, ruime plek waar hij 's nachts slaapt en een los kussen in de woonkamer voor overdag. Zo kan hij kiezen zonder dat het hem inspanning kost.