Vachtverzorging bij een oudere hond

vachtverzoring oudere hond

Bij een hond die ouder wordt verandert er meer aan de vacht dan alleen wat grijs rond de snuit. De huid wordt dunner, de vacht droger, en je hond onderhoudt zichzelf minder goed dan vroeger. Tegelijk wordt het borstelmoment belangrijker dan ooit, en niet alleen vanwege de vacht.

In deze blog lees je wat er verandert, hoe je je aanpak daarop aanpast, en waarom die wekelijkse ronde bij een oudere hond ook een controlemoment is.

Wat er verandert

  • De vacht wordt droger en doffer: de huid maakt minder vet aan, waardoor de glans afneemt en de vacht ruwer aanvoelt.
  • De huid wordt dunner en kwetsbaarder: die verdraagt minder druk en raakt sneller geïrriteerd door stevig borstelen.
  • Hij poetst zichzelf minder: een hond die stijf wordt, komt niet meer overal bij. Plekken die hij vroeger zelf bijhield, blijven nu liggen.
  • De vacht kan van structuur veranderen: bij sommige honden wordt hij dunner, bij andere juist woliger. Dat kan het klitgedrag veranderen.
  • Er komen bultjes en oneffenheden: veel oudere honden krijgen wratjes of vetbultjes onder de vacht. Die voel je tijdens het borstelen.

Pas je aanpak aan

De belangrijkste aanpassingen zijn niet ingewikkeld, maar ze maken een groot verschil voor het comfort van je hond:

  • Werk zachter: kies een borstel met afgeronde punten en druk minder hard. Wat vroeger prettig was, kan nu al te veel zijn.
  • Houd de sessies korter: lang stilstaan of stilliggen is vermoeiend voor stijve gewrichten. Twee korte rondes zijn beter dan een lange.
  • Laat hem liggen: borstel je hond in zijn mand of op zijn zij in plaats van hem te laten staan. Dat scheelt hem belasting. Laat hem eventueel op een stevig kussen liggen
  • Til poten niet hoog op: werk met kleine bewegingen en ondersteun het gewricht in plaats van de poot ver uit te strekken.
  • Doe het in een warme ruimte: zeker als je wast, want een oudere hond koelt sneller af.

Let op de drukplekken

Een oudere hond ligt veel, en vaak in dezelfde houding. Op de plekken waar zijn lichaam op de grond rust, ontstaat wrijving: de ellebogen, de heupen en de zijkant van de borstkas. Daar kan de vacht dun worden en de huid eeltig of kaal.

Loop die plekken elke keer na als je borstelt. Zie je kale plekjes, verdikte huid of wondjes, laat dat dan door je dierenarts nakijken. Zorg daarnaast voor een goed ondersteunende ligplek, want dat is de oorzaak die je kunt wegnemen. In onze blog over de hondenmand voor een oudere hond lees je waar je dan op let.

Borstelen is ook een controlemoment

Bij een oudere hond is dit misschien wel de belangrijkste reden om het bij te houden. Terwijl je door de vacht gaat, voel je wat je met het blote oog niet ziet: bultjes, verdikkingen, wondjes, pijnlijke plekken waarop hij reageert, of een plek die warmer aanvoelt.

Maak er daarom een gewoonte van om bewust te voelen en niet alleen te borstelen. Ga met je handen over zijn hele lijf, inclusief de buik, de oksels en de poten. Vind je iets nieuws, noteer dan waar het zit en hoe groot het is, en laat het door je dierenarts beoordelen. Zelf afwachten of het weggaat, is bij een oudere hond geen goed plan.

Wassen en drogen bij een oudere hond

Was niet vaker dan nodig, want een drogere huid heeft het beschermende vetlaagje harder nodig dan vroeger. Gebruik lauw water, zorg voor stevige grip in de bak en houd het kort.

Drogen is bij een oudere hond extra belangrijk, omdat hij minder goed op temperatuur blijft. Dep hem goed droog en laat hem daarna niet in de tocht liggen. Gebruik je een föhn, dan alleen op de laagste stand en op afstand.

Wanneer is het meer dan ouder worden?

Een vacht die geleidelijk doffer en droger wordt, hoort bij het ouder worden. Maar een aantal dingen horen er niet standaard bij en verdienen een controle: kale plekken, aanhoudende jeuk, schilfers, een onaangename geur, een vacht die in korte tijd sterk verandert, of bultjes die groeien of veranderen van kleur.

Datzelfde geldt als je hond zich ineens niet meer wil laten aanraken op een plek waar dat altijd prima ging. Dat is vaak een pijnsignaal. Laat het in die gevallen nakijken; vachtverzorging houdt de vacht mooi, maar lost een onderliggende oorzaak niet op.

Veelgestelde vragen
Waarom wordt de vacht van mijn oudere hond dof?
De huid maakt met het ouder worden minder vet aan, waardoor de glans afneemt en de vacht droger aanvoelt. Een geleidelijke verandering hoort erbij; verandert de vacht in korte tijd sterk, laat dat dan nakijken.
Hoe vaak moet ik een oudere hond borstelen?
Minstens zo vaak als vroeger, en vaak zelfs iets vaker, omdat hij zichzelf minder goed bijhoudt. Houd de sessies wel korter en werk zachter, en verdeel het desnoods over twee korte rondes.
Waarom heeft mijn oude hond kale plekken op zijn ellebogen?
Dat zijn drukplekken: hij ligt veel en vaak in dezelfde houding, waardoor de vacht daar dun wordt en de huid eeltig kan worden. Zorg voor een goed ondersteunende ligplek en laat wondjes of verdikkingen nakijken.
Mag ik een oudere hond nog wassen?
Ja, maar niet vaker dan nodig, want zijn huid is droger. Gebruik lauw water, zorg voor grip, houd het kort en droog hem daarna goed af, want een oudere hond koelt sneller af.
Wanneer moet ik met de vacht van mijn oudere hond naar de dierenarts?
Bij kale plekken, aanhoudende jeuk, schilfers, een onaangename geur, een vacht die in korte tijd sterk verandert, bultjes die groeien of veranderen, of als je hond ineens niet meer aangeraakt wil worden op een bepaalde plek.
← Terug naar Alles over Honden