Vachtverzorging van een labradoodle of doodle

vachtverzorging hond

Doodles worden vaak verkocht met het argument dat ze niet verharen. Dat is waar, maar het is maar de helft van het verhaal. Die haren vallen niet uit, maar ze verdwijnen ook niet: ze blijven in de krullen hangen. En daar begint precies het onderhoud dat veel nieuwe doodle-eigenaren onderschatten.

In deze blog lees je welk type doodlevacht jouw hond heeft, wat er gebeurt tijdens de vachtwissel, waar de probleemplekken zitten en hoe je voorkomt dat je hond bij de trimmer kort geschoren moet worden.

Niet elke doodle heeft dezelfde vacht

Dit is het eerste dat je moet weten: doodlevachten variëren enorm, zelfs binnen één nest. Dat komt doordat het een kruising is en de vachteigenschappen van beide ouderrassen zich onvoorspelbaar verdelen. Trimmers onderscheiden grofweg drie typen:

De wolvacht

Dichte, kleine krullen die het meest op een poedelvacht lijken. Dit is de meest onderhoudsgevoelige variant: hij klit het snelst en vraagt dagelijks kammen tot aan de huid.

De fleecevacht

Zachte, golvende tot losse krullen. De meest voorkomende doodlevacht en iets makkelijker dan wol, maar nog altijd dagelijks tot om de dag werk.

De haarvacht

Steilere, ruigere vacht die meer op de labrador- of retrieverkant lijkt. Deze verhaart wel degelijk en klit veel minder, maar hij is bij doodles het minst gebruikelijk.

De vachtwissel rond het eerste jaar

Hier gaat het bij doodles het vaakst mis, en het is goed om er vooraf van te weten. De puppyvacht van een doodle is zacht en vergevingsgezind: hij klit nauwelijks en veel eigenaren denken in die eerste maanden dat het onderhoud meevalt.

Ergens tussen de acht en twaalf maanden wisselt die puppyvacht naar de volwassen vacht. En dan verandert het beeld radicaal: de vacht wordt dichter, de krullen steviger, en waar je eerst een paar keer per week kon volstaan, ontstaan nu binnen dagen knopen. Omdat het geleidelijk gaat, merken veel mensen het te laat.

Het gevolg zie je in elke trimsalon: honden van rond het jaar die met een vervilte vacht binnenkomen en kort geschoren moeten worden, omdat uitkammen niet meer pijnloos kan. Volledig te voorkomen door rond de acht maanden je kamfrequentie op te schroeven, ook als het nog niet nodig lijkt.

De probleemplekken bij een doodle

Bij een doodle klit het niet overal even snel. Deze plekken vragen dagelijks aandacht:

  • Achter en rond de oren: vrijwel altijd de eerste plek waar je een knoop vindt. De vacht is er lang en beweegt mee.
  • De snuit en de baard: hier komt eten en water in, waardoor het haar plakt en samenklit. Veeg de baard na het eten af.
  • Onder de halsband of het tuig: constante wrijving op één plek. Schuif de halsband regelmatig los en kam eronder door.
  • De oksels en liezen: hier schuurt de vacht bij elke stap en kun je er van bovenaf niet bij.
  • De poten en tussen de tenen: het haar groeit hier door en vangt vuil. Ook de plek waar zand en zout achterblijven.
  • De broek en rond de staart: lang haar dat meebeweegt en waar je zelden kijkt.

Zo kam je een doodlevacht

De techniek is dezelfde als bij elke krulvacht, maar bij doodles is hij extra bepalend. Over de bovenkant van de krullen borstelen geeft een vacht die er prima uitziet en er onderin vast zit. Til daarom het haar op met je ene hand en kam de onderste laag door tot aan de huid, en werk zo van onder naar boven.

Loop daarna na met een kam. Dat is je controle: komt de kam zonder haperen tot aan de huid, dan ben je klaar. Blijft hij steken, dan zit daar nog iets. Doe dat vooral op de plekken uit het lijstje hierboven, want daar zit het probleem en niet op de rug.

Kort of lang laten knippen?

Omdat een doodlevacht doorgroeit, hoort de trimsalon er gewoon bij, gemiddeld elke zes tot tien weken. Bij die beurt maak je een keuze die je onderhoud thuis sterk beïnvloedt.

Een langere vacht is mooier en meer wat mensen zich bij een doodle voorstellen, maar vraagt dagelijks kammen. Kort laten knippen is minder onderhoud en langer houdbaar tussen de beurten, en dat is een volstrekt legitieme keuze. Wees dus eerlijk tegen jezelf en tegen je trimmer over hoeveel tijd je er dagelijks in wilt stoppen. Een kort geknipte doodle die comfortabel zit, is beter af dan een lange vacht die vervilt.

Let ook op de oren

Doodles hebben vaak haar in de oorschelp en soms in de oorgang zelf, en daarbij zijn het hangoren die weinig ventileren. Die combinatie maakt dat vocht er langer blijft zitten, bijvoorbeeld na het zwemmen of een wasbeurt.

Dep de oorschelp daarom altijd goed droog en ga nooit met een wattenstaafje de oorgang in. Het haar in de oorgang laat je beoordelen door een trimmer of je dierenarts in plaats van er zelf aan te trekken. Zie je dat je hond met zijn kop schudt, aan zijn oren krabt, of ruik je een onaangename geur, laat dat dan nakijken.

Over die niet-verharende vacht

Nog even terug naar de belofte waarmee doodles vaak worden verkocht. Ze verliezen inderdaad weinig haar in je huis, en dat is een echt voordeel. Maar het betekent niet dat er geen haar loskomt: dat blijft alleen in de vacht hangen in plaats van op je vloer te vallen.

Reken er dus niet op dat een doodle minder werk is dan een verharende hond. In de praktijk is het omgekeerde waar: je ruilt stofzuigen in voor dagelijks kammen en een trimbeurt elke twee maanden. Dat is een prima ruil als je het weet, maar een onaangename verrassing als je het niet wist.

Veelgestelde vragen
Waarom klit de vacht van mijn doodle ineens veel sneller?
Waarschijnlijk wisselt zijn puppyvacht naar de volwassen vacht. Bij doodles gebeurt dat vaak tussen de acht en twaalf maanden, en daarna is de vacht dichter en steviger. Verhoog vanaf ongeveer acht maanden je kamfrequentie, ook als het nog niet nodig lijkt.
Hoe vaak moet ik mijn doodle kammen?
Dagelijks tot om de dag, en bij een dichte wolvacht echt dagelijks. Houd je het bij, dan kost een sessie een paar minuten. Sla je een week over, dan is de vacht onderin vaak al aan het vervilten.
Verharen doodles echt niet?
Ze verliezen weinig haar in huis, maar er komt wel haar los. Dat blijft in de krullen hangen in plaats van op de vloer te vallen, en daar ontstaan de klitten. Je ruilt dus stofzuigen in voor dagelijks kammen.
Hoe vaak moet een doodle naar de trimsalon?
Gemiddeld elke zes tot tien weken, omdat de vacht doorgroeit. Kort laten knippen betekent minder dagelijks onderhoud en langer houdbaar tussen de beurten; een langere vacht is mooier maar vraagt dagelijks kammen.
Waar moet ik op letten bij de oren van mijn doodle?
Doodles hebben vaak haar in de oorschelp en hangoren die weinig ventileren, waardoor vocht er lang blijft zitten. Dep de oorschelp goed droog, ga nooit met een wattenstaafje de oorgang in, en laat haar in de oorgang beoordelen door een trimmer of dierenarts.
← Terug naar Alles over Honden