Je zit te werken en er wordt tegen je arm geduwd. Je gaat even zitten en er komt een speeltje op je schoot. Je belt met iemand en er wordt geblaft. Een hond die voortdurend aandacht vraagt is vermoeiend, en het vervelende is dat het meestal niet vanzelf overgaat.
In deze blog lees je waarom dit gedrag zo hardnekkig is, waarom af en toe toegeven het juist versterkt, en hoe je het rustig ombuigt zonder je hond te negeren.
Hoe het eruitziet
Aandacht vragen heeft veel vormen, en ze zijn niet allemaal even duidelijk:
- Duwen, porren met de neus of een poot op je been leggen: de klassiekers.
- Een speeltje brengen: en het voor je neerleggen, soms eindeloos.
- Blaffen of janken: zodra jouw aandacht ergens anders heen gaat, bijvoorbeeld bij de telefoon of de laptop.
- Voor je gaan staan of in de weg lopen: letterlijk tussen jou en waar je mee bezig bent.
- Iets pakken wat niet mag: omdat dat gegarandeerd een reactie oplevert.
- Druk doen bij bezoek: springen, blaffen of rondjes rennen zodra er iemand binnenkomt.
Waarom het zo hardnekkig is
Hier zit de kern, en als je dit snapt wordt de rest logisch. Een hond herhaalt gedrag dat iets oplevert. Krijgt hij elke keer aandacht als hij duwt, dan leert hij dat duwen werkt. Dat is nog overzichtelijk.
Maar wat gebeurt er als je meestal negeert en af en toe toch reageert, bijvoorbeeld omdat je moe bent of omdat hij net heel lang aandringt? Dan wordt het gedrag niet zwakker maar juist sterker. Je hond leert namelijk dat volhouden uiteindelijk loont, en dus gaat hij langer en intensiever aandringen dan voorheen.
Dat verklaart waarom aandachtgedrag vaak erger wordt bij mensen die hun best doen het te negeren: ze houden het bijna vol, en die ene keer dat ze toegeven leert de hond precies het verkeerde.
Ga eerst na of de basis klopt
Voordat je aan het gedrag gaat werken, check of je hond niet gewoon iets tekortkomt. Een hond die zich verveelt of te weinig beweging en hersenwerk krijgt, vraagt om aandacht omdat er verder niets te doen is. En een hond die structureel te weinig slaapt, wordt juist onrustiger en drammeriger.
Krijgt hij genoeg beweging, genoeg uitdaging en genoeg rust? Zo niet, begin daar. Aan gedrag werken terwijl de basis niet klopt, is dweilen met de kraan open.
De aanpak in drie stappen
1. Geef aandacht op jouw initiatief
Dit is de belangrijkste stap en hij wordt het vaakst overgeslagen. Zoek je hond een paar keer per dag zelf op als hij rustig ligt en niets vraagt. Aai hem, doe even iets leuks, en loop weer weg. Zo leert hij dat aandacht vanzelf komt en dat hij er niet om hoeft te bedelen.
2. Beloon rust, consequent
Ligt je hond rustig terwijl jij bezig bent, zeg dan rustig iets aardigs of leg een snoepje bij hem neer. Dit voelt tegenstrijdig, want er gebeurt niets bijzonders, maar dat is precies het punt: je beloont het gedrag dat je wilt zien.
3. Negeer het vragen, maar wel volledig
Geen oogcontact, niet praten, niet wegduwen. Ook wegduwen en 'nee' zeggen zijn aandacht. Draai je schouder weg of sta rustig op en loop weg. Het moet zo saai mogelijk zijn.
Houd rekening met een paar zware dagen
Als je begint met consequent negeren, wordt het gedrag in het begin vaak eerst erger. Je hond heeft geleerd dat aandringen werkt, dus gaat hij harder aandringen om te kijken of het alsnog lukt. Dat is geen teken dat het niet werkt, maar juist dat hij het verschil merkt.
Precies op dat moment haken de meeste mensen af, en dat is het slechtst denkbare moment: je hond leert dan dat nog harder aandringen alsnog werkt. Weet dus van tevoren dat die piek komt, spreek met het hele gezin af hoe jullie reageren, en houd het een paar dagen vol. Daarna zakt het meestal snel.
Bij bezoek
Bezoek is een aparte situatie, omdat de opwinding hoger ligt en omdat je bezoek je hond vaak juist aandacht geeft op het moment dat hij springt. Twee dingen helpen.
Zorg dat je hond iets te doen heeft op het moment dat er wordt aangebeld: een kauwmoment of een gevuld speeltje op zijn eigen plek leidt zijn aandacht af van de deur. En vraag je bezoek om hem pas aandacht te geven als hij rustig is. Dat voelt onvriendelijk, maar het is de enige manier waarop hij leert dat kalm blijven loont.
Wanneer is het meer dan aandacht vragen?
Blijft je hond je overal volgen en raakt hij in paniek zodra je uit het zicht bent, dan gaat het mogelijk niet om aandacht maar om moeite met alleen zijn. Dat vraagt een andere aanpak, en daar hebben we een aparte blog over.
En verandert het gedrag plotseling, bijvoorbeeld een hond die altijd zelfstandig was en nu ineens aan je plakt, laat hem dan door je dierenarts nakijken. Pijn of ongemak kan zich uiten als aanhankelijkheid of onrust.